Salesiaans Contact september 2024
De vakanties zijn weer voorbij. Het gewone leven neemt weer zijn loop. We hebben het druk. Er gebeurt van alles om ons heen. Toch is het goed om af en toe even een pas op de plaats te maken. Even stilstaan bij wat er om ons heen gebeurt. Dit nieuwe Salesiaans Contact wil zo’n pauze-moment zijn. Of je je nu een reiziger voelt of stil zit op een kappersstoel: laat het leven binnenkomen!
Wim Holterman osfs
REIZIGERS OP DEZE AARDE
“Weet je niet dat je onderweg bent en dat de weg niet voor zitten maar voor lopen gemaakt is? Zo weinig is de weg voor rust gemaakt, dat lopen en op weg zijn hetzelfde is.
God spreekt tot één van zijn grootste vrienden: “Loop voor mij uit en wees volmaakt” (Gen. 17.1)
Alle mensen zijn reizigers op deze aarde”.

Aldus een uitspraak van Franciscus van Sales. (De verhandelingen over de liefde tot God”) Een uitspraak die al met mij meegaat sinds ik tijdens het nogal natte voorjaar “onderweg” was met een vriendin. We fietsten in de prachtige omgeving van Zwolle, waar we een aantal dagen verbleven in een huisje op een vakantiepark. De fietsroute van te voren uitgezet, proviand in de fietstassen, briefje met de te volgen nummers van de knooppunten op het stuur en fietsen maar. Weinig wind en zowaar een zonnetje, dat van tijd tot tijd door de wolken heen wist te breken. Genieten geblazen! Vooral toen we eenmaal de dijk langs de imposante IJssel bereikten, van waaraf zich een prachtig panorama op de stad Hattem ontvouwde. Tegelijkertijd werden we hier geconfronteerd met de toen zeer hoge waterstand van de IJssel, waardoor het pontje, waarmee je vanaf dit punt normaliter naar dat pittoreske historische stadje kunt varen, uit de vaart was genomen. Nu waren wij niet van plan om die oversteek te maken, maar anderen, die dat kennelijk wel waren, moesten op zoek naar een alternatieve route om toch aan de overkant te komen. “Gelukkig kunnen wij onze uitgestippelde weg vervolgen” dacht ik nog. Maar enkele kilometers verder hield het ook voor ons op. Waar we links af moesten werd ons de doorgang onmogelijk gemaakt door hoge hekken. Vertwijfeld stapten we af. Wat nu? Tot onze opluchting ontdekten we een bord waarop aangegeven stond dat ons eerstvolgende knooppunt te bereiken zou zijn door de gele borden met een “2” te volgen. We deden een poging, maar binnen de kortste tijd raakten we het spoor bijster. Moesten we nu naar links, of toch maar naar rechts? Hoe kwamen we in hemelsnaam ooit weer bij ons huisje? Zelfs Google Maps bood geen uitkomst. Terwijl ik lichtelijk in paniek dreigde te raken kwam ons een mevrouw op de fiets tegemoet. Na enige aarzeling riepen we haar hulp in, waarop zij spontaan aanbood met ons mee te fietsen, ook al had dat voor haar een kleine omweg tot gevolg. In grote dankbaarheid kwamen we onder de vleugels van deze reddende engel uiteindelijk toch weer veilig “thuis”.
Tja, soms “loopt” de weg die je hebt te gaan niet zo lekker. Ook onze levensweg niet. Het kan ons allemaal overkomen, dat je van het ene moment op het andere zomaar tegen zo’n hek oploopt, dat je belet om verder te gaan op het pad dat je ooit met hoop en verwachting bent ingeslagen. Het is een geluk als het vinden van een andere weg dan niet al te ingewikkeld blijkt te zijn, maar soms ook “lopen” we helemaal verloren en is hulp onze enige uitweg.

Zo werd mijn “weg” van het buitengebied terug naar de geborgenheid van het dorp voor de vierde keer versperd. Een weg, die zo eenvoudig leek: ik
in het huis van mijn dochter en zij met haar gezin in dat van mij. Maar
omdat mijn huis veel te klein is voor haar gezin met drie kinderen is een verbouwing wel een vereiste. En de vergunning daartoe werd dus voor de vierde keer afgewezen. Een enorme dreun, dat kan ik u wel vertellen. Ik kon er niet meer van slapen. Nachten lag ik onrustig te woelen en te piekeren. Ik zag geen uitweg meer. Tot ik de “Inleiding” van Frans van Sales maar weer eens ter hand nam en het vierde deel, Hfdst. 11, opensloeg, waarin Hij schrijft over “de onrust”. Daarin adviseert Hij ons in dit soort gevallen eerst ons hart tot kalmte en rust te brengen, ons oordeel te matigen en onze wil te beheersen. En om dan rustig ons best te doen om te bereiken wat we willen bereiken. Weer ben ik Frans veel dank verschuldigd, want ook nu werkte het! Eenmaal weer tot rust gekomen durfde ik de hulp in te roepen van iemand die op het juiste moment mijn pad kruiste en van wie ik wist dat hij bekend was met ambtelijke molens. En met resultaat. Dankzij hem kwamen verhelderende gesprekken op gang en inmiddels is de vergunning rond! En nu zit ik dus intens blij en gelukkig tussen een hoge stapel gevulde verhuisdozen dit verhaal te schrijven. Als u dit leest, hoop ik weer “thuis” te zijn tussen de mensen om vandaar uit mijn levensweg te vervolgen, als reiziger op deze aarde.

Wil Vos
Bij de kapper
Ik zat nauwelijks op mijn stoel of kapster Patty stak van wal:
“ Het is toch vreselijk wat er vorige week gebeurd is op de kermis hier in Sint Oedenrode……”
Ik wist van niets en zei :je bent er nog al van ondersteboven wat is er gebeurd?
“Een goede vriend van ons is daar door een groep uit een ander dorp flink in elkaar geslagen. Het is dat een van zijn vrienden zijn hoofd heeft beschermd, want ze waren van plan hem ook een paar trappen tegen zijn hoofd te verkopen”.
“In wat voor wereld leven we toch” verzuchtte ze. Een opmerking die we de afgelopen tijd regelmatig horen. Veel mensen maken zich zorgen over de toekomst nu het geweld zo dichtbij is gekomen. “Wat voor toekomst is er voor onze kinderen en kleinkinderen”, hoorde ik haar ook zeggen.
Alles wat er nu op ons afkomt roept bij ons zorg, onzekerheid en angst op. Ik merk dat sommige mensen er gespannen van worden. Je ziet zelfs bij kinderen van de basisschool dat het hen erg bezighoudt, las ik in de krant. Je staat er immers zo machteloos bij. Het komt over ons
heen zonder dat we er iets aan kunnen doen. En dan roepen ministers en burgermeesters wel dat er streng opgetreden zal worden, maar het is zo ongrijpbaar.
Als je dan wat verder de wereld inkijkt, kom je ook daar hetzelfde tegen. Onschuldige mensen worden gegijzeld, op een onmenselijke manier gedood of bij aanslagen met tientallen de dood ingejaagd. En wat is dat toch voor iets vreemds dat (jonge) mensen zichzelf opblazen om medemensen te doden terwijl wij er juist alles voor over hebben om onszelf en onze medemensen in leven te houden en met onze liefde en goedheid te omringen. Waar loopt het allemaal op uit met de oorlog in Oekraïne, in Israël en Gaza? Ja, in wat voor vreemde wereld leven we?
Hoe ga je om met al die dreiging en onrust? Niet alleen buiten jezelf maar ook in je eigen leven. Want ook daar kan er veel op je afkomen dat je bang en gespannen maakt. Wat hangt er bijvoorbeeld mensen boven het hoofd die afhankelijk zijn van het UWV? Het is soms zelfs er op of er onder. We zijn immers zulke kwetsbare mensen! We zien het dagelijks om ons heen. Geen wonder dat we angstig worden.
De Oblaten deze zomer bijeen tijdens het XXI kapittel in Annecy concludeerden:
Meer dan ooit heeft onze gekwetste, verdeelde en kwetsbare wereld het vreugdevolle optimisme en het gastvrije charisma van de Salesiaanse spiritualiteit nodig.
Wij oblaten van Franciscus van Sales horen geboren optimisten te zijn.
We bieden een kijk op de menselijke natuur die hoopvol en behulpzaam is in een wereld die veel negatieve en/of pessimistische opvattingen over de menselijke natuur heeft. We zijn geen wensdenkers: we kennen de nadelen en blinde vlekken van de menselijke natuur. Maar geworteld als we zijn in het feit dat we geschapen zijn naar Gods beeld en gelijkenis en dat God zichzelf heeft geschapen naar ons beeld en gelijkenis in de persoon van Jezus, verkondigen we duidelijk, consequent en mededogend: WIJ MENSEN ZIJN GOED.
Franciscus van Sales is een voorbeeld van zachtmoedigheid en geduld. Dat draagt hij uit omdat hij zich geliefd weet door God. Die
zachtmoedigheid, daar hunkeren we vandaag de dag naar. Die eenvoud, daar willen we weer naar terug. Die liefde, daar verlangen we meer naar dan de gebalde vuisten van onze tijd doen vermoeden. Maar zo leven we, met gebalde vuisten van boosheid en korte lontjes, met priemende vingers die altijd de schuld bij de ander zoeken. Franciscus van Sales koos een andere weg. Hij durfde te wachten, onze patroon, hij vroeg om geduld met onszelf en de ander. Hij is meer dan ooit een appèl, in een tijd waarin we niet meer kunnen wachten. We hebben geen tijd voor suddervlees en soep die moet trekken. We hebben geen tijd voor onszelf en de ander. Franciscus van Sales is actueler dan ooit: leve de zachtmoedigheid en de eenvoud, het geduld om te leren wachten.

Kees Jongeneelen osfs









Franciscus van Sales raadt zijn Philothea aan om ‘onvoorwaardelijk te besluiten God nooit in de steek te laten en nooit zijn heerlijke liefde prijs te geven. Dat is een tegenwicht voor je ziel. Het houdt je ziel in een volkomen evenwicht te midden van ongelijke krachten, waartussen je, zonder die liefde, heen en weer geslingerd wordt’. Het lijkt een soort pact met onszelf: geloven in God en in Zijn liefde als een persoonlijk besluit. Geloven als een fundament voor ons leven, als vaste grond onder onze voeten, een houvast om niet koppie onder te gaan. Dat zal allemaal wel. Het lijken zulke mooie woorden, zo gemakkelijk gezegd. Franciscus voegt een mooi beeld toe dat zijn woorden nog iets aannemelijker maakt. Hij schrijft: ‘Wanneer bijen in het open veld door een storm worden verrast, klemmen ze kleine steentjes in hun poten vast; zo bewaren zij het evenwicht van hun vlucht en zo voorkomen zij dat ze door de wind worden meegesleept. En laat ook zó jouw ziel zich vastbesloten vastklemmen aan God en zijn heerlijke liefde’. Hij spreekt over ‘kleine steentjes’ waaraan bijen zich vastklampen. Om het evenwicht in ons leven te bewaren moeten we volgens Hem niet zoeken naar hele zware middelen, maar eerder proberen kleine stapjes te zetten.







Wat ik ook heel knap vind van Krona , is hoe zij in hun tentoonstellingen proberen om de kinderen erbij te betrekken, zoals ook voor dat mooie kunstwerk in de tuin. Hiervoor worden scholen e.d. ingeschakeld, die onder begeleiding van een kunstdocent werkelijk prachtige objecten maken. En op die manier komen kinderen ook binnen de muren van het museum en nemen ze iets op van ons cultureel erfgoed.
Als eerste iets van de kunstenares Nan Groot Antink,. In de gids staat :”Het museum maakt als enige in ons land deel uit van een deels bewoond abdijcomplex en heeft de beschikking over een kruidentuin, aangelegd naar middeleeuws voorbeeld. Deze verbinding tussen ’Kunst, Klooster en Kruidentuin’ ligt ten grondslag aan de opdracht aan Nan Groot Antink, om weefsels te maken met verfstoffen uit de tuin.” Het is het erekleed dat het beeld naar voren haalt. Het verbindt binnen en buiten het klooster. En het verbindt het oude beeld met het nieuwe weefsel.
Vindt hij het goed zo? Zou hij het anders willen? En wij, hoe staan wij tegenover mensen buiten onze kring? Vragen waarop ik geen direct antwoord heb. Krona schrijft: ”De verbeeldingen van Jezus staan voor wat Museum Krona wil verbinden: oude en hedendaagse kunst, spiritualiteit en actualiteit.”





