Archief van de maand: november, 2025

1e zondag van de advent

1e Zondag van de advent
Jesaja 2,1-5; Mattheüs 24,37-44.

WEES WAAKZAAM…

Vaak is ons leven een sleur.
We leven van de ene dag in de ander.
We werken en slapen,
we hebben goede en kwade dagen.
Ook onze relatie met anderen
vertoont weinig hoogtepunten.
We leven zo ons eigen leventje.

De oproep van het evangelie geldt ons:
Wees waakzaam; kijk uit!
Ons leven is te kostbaar
om het in een dodelijke sleur te leven.
Ons wordt gevraagd om attent te zijn
op signalen van anderen
en op tekens van onze tijd.
Onze ogen en oren sluiten
maakt ons leven armer, doodser.

Het evangelie roept ons ook op
om attent te zijn
op de aanwezigheid van God
in ons leven, in onze wereld.
Zijn droom mag de onze worden:
een droom van liefde en recht,
van vrede en geluk voor alle mensen.

In deze adventstijd wordt ons gevraagd
om oog te hebben voor de komst
van God midden onder ons.
Hij verschijnt ons als een weerloze mens,
als een kind van mensen.
Hij is te vinden in de kleine, de machteloze;
kortom in ieder van ons.

Wim Holterman osfs

Christus Koning 2025

CHRISTUS KONING

Niet als een vorst hoog te paard,
niet met wapengekletter
of met ijzeren vuist,
wil Christus onze Koning zijn.

Niet wonend in paleizen,
niet rondgaand in een gouden koets
of zittend op een hoge troon,
wil Christus onze Koning zijn.

Niet met een zware kroon,
niet met de scepter van macht
of met een leger dienaren,
wil Christus onze Koning zijn.

Christus is onze Koning,
hangend aan een kruisbalk,
vernederd als een slaaf,
midden tussen misdadigers.

Christus is onze Koning,
als Hij zijn spotmantel draagt
en met doornen wordt gekroond,
vertrapt met de kleinsten.

Christus is onze Koning:
een Koning van liefde
en van solidariteit ten dode,
Koning van een omgekeerde wereld.

Wim Holterman osfs

 

 

 

 

 

 

 

 

Salesiaans Contact November 2025

HOOP DIE ONS DOET LEVEN

Er is een beroemde uitspraak van Dag Hammerskjöld die luidt: ‘Niet jij kiest de weg, maar de weg kiest jou’. Voor mij is dat een grote waarheid. Als ik terugkijk op mijn eigen levensweg dan is er veel op mijn pad gekomen waar ik niet zelf voor heb gekozen. Al lang geleden is er een Oblaat op mijn weg gekomen: Wim Timmermans. Toeval? Voor mij weggelegd? Ik ben die Oblaten-weg opgegaan, tastend en zoekend. Soms enthousiast, soms aarzelend. Toch bleven mijn voetstappen steeds aan die weg geklonken. Die weg werd me vertrouwd. Ik ging erop verder. Gaandeweg – met kleine stapjes – heb ik geprobeerd om me iets van de spiritualiteit van Frans van Sales eigen te maken. En dat in verbondenheid met mijn medebroeders, met mensen die hetzelfde geloven en hopen, met tochtgenoten en bondgenoten. Ik heb er mijn geluk gevonden. Het is voor mij een goede weg tot nu toe en hopelijk tot ik mijn einddoel bereik. Veel mensen om me heen hebben me vastgehouden als ik dreigde te vallen. Ze hebben me laten voelen, dat dit voor mij een goed begaanbare weg is. Zelf heb ik ook heel wat mensen een hand mogen toesteken. Goddank! Veel ontmoetingen, hechte vriendschappen hebben me in het juiste spoor gehouden. Woorden, aanmoedigingen, vertrouwen: ze zijn voor mij geweest als leeftocht. Zonder zoveel lieve medepelgrims zou mijn weg onbegaanbaar zijn geworden, een met veel valkuilen.
Het lied ‘Pelgrims van hoop’ – geschreven bij gelegenheid van het Jubeljaar 2025 – begint met de prachtige zin: ‘vlam van liefde, hoop die ons doet leven’. Wordt hierin niet kernachtig weergegeven wat ons gaande houdt? Wat de motor is? Er is iets in ons dat brandt van hartelijke liefde. Een vonk die op ons overslaat en die wijzelf mogen doorgeven. Er is leven-gevende hoop, levende verwachting. Dat is de belangrijkste bagage, die we met ons meenemen. Bijbels heet het: op weg zijn naar ‘een nieuwe hemel en een nieuwe aarde’. Niet een fata morgana, maar zichtbaar en tastbaar hier, en nu al. Kris Gelaude schrijft in een gedicht over hoop: ‘hoop is de bron die op de bodem van je ziel ligt en soms onvermoede kracht naar boven haalt; zij is de stem die wanneer je twijfelt en er zelfs geen weg te zien is, zegt: “Sta op en ga”. We zeggen in onze alledaagse taal ‘hoop doet leven’. Het is die diepgewortelde hoop die ons een visioen voorhoudt. Als christenen mogen we zeggen, dat die hoop ons doet uitzien naar het Rijk van God: daar waar het leven goed is voor alles en iedereen, zonder uitzondering. Diezelfde hoop vraagt van ons dat we onze handen uit de mouwen steken; dat we het hart hebben om te leven vanuit en voor de liefde, heel concreet. Zo worden we levenslang geroepen om ‘te bloeien waar we zijn geplant’.
Paus Franciscus gebruikt de term ‘pelgrims van hoop ‘ ook om de roeping van de kerk in deze tijd aan te geven. Deze kerk mag geen machtig bolwerk zijn. Ze bestaat uit mensen, die samen onderweg zijn; synodaal naar elkaar luisterend en biddend, met een open blik naar de toekomst. Mensen ook die niet voorbijgaan aan het lijden van de wereld en die hartstochtelijk uitzien naar eindelijk vrede. Wij mogen die mensen zijn. Samen kunnen we de hitte van de dag dragen. Ook mogen we gezamenlijke rustpunten inbouwen, momenten waarin we onze verbondenheid met anderen vieren en onze inspiratie delen. Als pelgrims van hoop mogen we optrekken met hen die geen stem hebben en die niet gehoord worden. We staan stil bij de schoonheid van de schepping en willen daar van harte zorg voor dragen. We zoeken naar de tekenen van de tijd, die ons nieuwe moed kunnen geven en die ons uitdagen om – zo nodig – andere wegen te gaan.
Frans van Sales is een goede gids op onze pelgrimstocht. Hij houdt ons met beide benen op de grond. Volgens hem heeft het geen enkele zin om onze hoop te laten uitgaan naar iets wat onbereikbaar is. In zijn ‘Inleiding’ schrijft hij klip en klaar: ‘Ik zou niet willen dat je bijvoorbeeld verlangt een scherper verstand of een dieper inzicht te hebben; dit zijn van die nutteloze verlangens, die de plaats innemen van de wensen die je wél moet hebben: gebruik en vervolmaak je eigen verstand, ontwikkel je eigen inzicht! Verlang niet naar middelen om God te dienen die je niet hebt, maar gebruik trouw en ijverig de middelen waarover je wel beschikt’ (III, 37). De weg kiest mij met mijn mogelijkheden en onmogelijkheden, met mijn geschiedenis en mijn karakter. Voor onze heilige gids geldt, dat God van mij houdt zoals ik ben. Tevens spoort hij mij aan om ‘de vlam van liefde’ brandend te houden als een krachtbron om samen met anderen op weg te blijven gaan. Moge dat ‘de hoop zijn, die ons doet leven’.

Wim Holterman osfs

In ons Salesiaans Contact van oktober hebt u een verslag kunnen lezen van onze reis naar Troyes om daar het 150-jarig bestaan van onze congregatie te vieren. Een onvergetelijke reis. We hebben daar onder meer de Eucharistie gevierd in de kapel van de zusters van de Visitatie. Daar heeft de Goede Moeder Marie de Sales Chappuis een groot deel van haar leven gewoond. Dáár heeft zij pater Louis Brisson overtuigend uitgedaagd tot de stichting van de Oblaten van Franciscus van Sales. Voor ons dus ‘heilige grond’. Tijdens die viering heeft onze Generale Overste Barry Strong onderstaande homilie gehouden. We hebben die zo goed en kwaad als mogelijk vertaald en delen die graag met u.

Beste broeders en zusters, leden van de Salesiaanse familie,

Vandaag mediteren we over het mysterie van de Visitatie, waarbij Maria, die Christus in zich draagt, opstaat en zich haastig naar Elisabeth begeeft.
Deze ontmoeting is niet alleen een familiebezoek, het is een heilige ontmoeting. Overal waar Maria gaat, is Christus aanwezig. Overal waar Christus aanwezig is, ontstaat vreugde, wordt het geloof vernieuwd en springen de harten op van hoop. Johannes springt op in de schoot van zijn moeder, Elisabeth zegent haar nicht en Maria zingt haar Magnificat. Wat een mysterie om te vieren op deze jubileumdag, 150 jaar nadat moeder Marie de Sales Chappuis, overste van dit klooster, tot God werd geroepen, en 150 jaar nadat de zalige Louis Brisson hier in Troyes de Oblaten van Sint Franciscus van Sales oprichtte onder haar inspiratie. Twee momenten die, net als de reis van Maria naar Elisabeth, momenten van bezoek waren: de Heer die zich door zijn trouwe leerlingen met zijn volk verzoende. Twee gebeurtenissen die door Gods voorzienigheid met elkaar verbonden waren.

 

 

 

 

 

 

 

Muurschildering Klooster Zusters Oblaten van Franciscus van Sales in Troyes

Net als Maria droeg Moeder Marie de Sales Chappuis, de Goede Moeder, Christus in zich. Ze deed dat op de Salesiaanse manier, kalm en standvastig: met nederigheid, zachtheid en sterkte van geest. Ze vormde haar zusters met het liefdevolle geduld van het Evangelie. Haar voorbeeld heeft ook de eerste Oblaten gevormd. Haar dood in 1875 was in feite een ander “Magnificat”: een leven dat de grootheid van God verkondigde en een erfenis achterliet die de hele Salesiaanse familie blijft inspireren.
In datzelfde jaar ontstonden de Oblaten van Sint Franciscus van Sales. Net als Maria bleven de eerste Oblaten niet werkeloos. Ze gingen “haastig”
naar scholen, missies en parochies om Christus te brengen in het gewone leven van gewone mensen. Ze brachten Christus met geduld, nederigheid en vreugde. Hun motto was de eenvoudige aansporing van de heilige Franciscus van Sales: “Leve Jezus! ” Niet alleen in woorden, maar ook in het dagelijkse geduld in de klas, het discrete werk van de pastorale zorg, de edelmoedige geest van de missionaire dienstbaarheid. Hun leven sprak van wat Franciscus zelf onderwees: grote heiligheid bestaat erin trouw en vreugdevol de kleine taken van elk moment te vervullen. En dat is precies de betekenis van dit jubileum. Een jubileum is niet alleen een moment om de herinneringen uit het verleden te koesteren, maar ook om het heden te vernieuwen en de toekomst te omarmen. Het mysterie van de Visitatie leert ons dat wanneer we Christus in ons dragen, we vooruit moeten gaan, we Hem naar anderen moeten brengen. Dat is de roeping van de Oblaten: Jezus in ons hart beleven en Hem met zachtheid en volharding delen met de wereld om ons heen. Niet noodzakelijkerwijs door grote gebaren, maar door gewone dingen op een buitengewone manier te doen.
Vandaag verheugen we ons. We verheugen ons over de trouw van
Moeder Marie de Sales Chappuis. We verheugen ons over de gedurfde visie van de zalige Louis Brisson, onze stichter. We verheugen ons over de 150 jaar aanwezigheid van de Oblaten in de Kerk en over de talloze levens die geraakt zijn door hun discrete getuigenis van heiligheid.

En voilà. Maria heeft zich gehaast. Moeder Marie de Sales is trouw geweest. Pater Brisson is moedig geweest. De Oblaten hebben het charisma over de hele wereld verspreid. Ze hebben allemaal gereageerd op de ingevingen van de Heilige Geest. En nu vraagt diezelfde Geest aan ieder van ons: wilt u Christus dragen? Zult u een bezoek brengen vol vreugde, zachtheid en geloof? Zult u “haastig” naar uw families, uw werkplekken en uw gemeenschappen gaan?
Moge in dit jubileumjaar het Magnificat van Maria ons lied zijn: “Mijn ziel verheft de Heer, mijn geest jubelt in God, mijn Redder. ” En moge deze dubbele verjaardag ons allen inspireren om Christus trouw te dragen, hem met vreugde te delen en Jezus altijd te ‘leven’!

Heer, onze God,
hier, in dit klooster van de Visitatie,
danken wij U voor Maria,
die Christus met vreugde heeft gedragen
en hem haastig naar anderen heeft gebracht.
Wij danken U voor moeder Marie de Sales Chappuis,
wier zachtaardige trouw blijvende vruchten heeft afgeworpen;
en voor pater Louis Brisson en alle Oblaten, levenden en overledenen,
die al 150 jaar lang de Salesiaanse geest in uw Kerk beleven.
Schenk ook ons de genade om Jezus te ‘leven’
met nederigheid, geduld en liefde,
opdat ons leven een bezoek van Uw aanwezigheid mag worden
voor allen die wij ontmoeten.
Door Christus, onze Heer.
Amen.

Barry Strong osfs

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

33e Zondag door het jaar 2025

Drieëndertigste Zondag door het Jaar
Maleachi 3,19-20a; Lucas 21,5-19.

HOOP IN BANGE DAGEN

Onze wereld wordt getekend
door geweld en onderdrukking.
De een wil de ander klein krijgen
om zelf groot te lijken.
Mensen doen elkaar de dood aan,
omdat ze een andere overtuiging hebben.
Ze kijken elkaar niet meer aan
vanwege een andere kleur of geaardheid.
Er heerst verdeeldheid alom.
Vaak lijkt onze wereld
op de dodelijke chaos van het begin.

Midden in die wereld leven wij.
Ook wij worden bedreigd
door ziekte en dood,
door onenigheid en onverdraagzaamheid.
We gunnen elkaar het licht niet in de ogen.
Afgunst en jaloezie drijven ons voort.
Soms is ons leven en dat van onze wereld
een hopeloze puinhoop.

Te midden van dit alles
roept het evangelie ons op
om te blijven geloven in de toekomst.
Bij de pakken gaan neerzitten,
onszelf overgeven aan doemdenken
is uit den boze.
Het vraagt ons, dat wij het uithouden,
dat we elkaar bij de hand nemen
om zout en licht te zijn,
om vuur en warmte te verspreiden.
Het roept ons op om te blijven getuigen
van de geest die in ons leeft,
een geest van liefde, vrede en gerechtigheid.

Wim Holterman osfs

 

Kerkwijding van de Sint Jan van Lateranen 2025

Kerkwijding van de Sint Jan van Lateranen
Koningen 8,22-23.27-30: Lucas19,1-10

EEN LEVENDE KERK

Kerkzijn is geen sinecure.
Het vraagt om inzet en verbondenheid.
Steeds opnieuw moeten we terug
naar de levengevende bron.
De Blijde Boodschap is geen vrijblijvend verhaal.
Het is eerder een maalstroom,
waarin we ons mogen laten meeslepen.
Als kerk zijn we een diensthuis.
Er worden daden van solidariteit gevraagd.
Het lijden van mensen doet een appèl op ons
om ons in te zetten waar we kunnen.
Het evangelie daagt uit om
zelf een levende Blijde Boodschap te worden.
Maar kerk is ook een leerhuis.
Het verhaal van de Levende
moet worden doorgegeven:
van mens naar mens,
van ouder op kind.
Waar de Boodschap verstomt,
daar worden we als kerk armer.
Daarom mogen we elkaar verrijken
met onze geloofservaringen.
Op grond van ons leren en dienen
mogen we ook telkens weer samenkomen
om woord en daad te vieren.
We mogen hier op adem komen,
op de adem van Jezus’ geest
om Zijn kerk te worden, meer en meer:
mensen, die meeslepend leven,
vanuit de bron van het levende woord.

Wim Holterman osfs

Salesiaans Contact oktober 2025

In een grandioos weekend hebben we in het Franse Troyes samen met medebroeders van alle kanten van de wereld het 150-jarig bestaan van de Oblaten van Franciscus van Sales mogen vieren. U vindt hiervan een kort verslag in dit nummer van de hand van Marus Tijssen. Wil Vos deelt met ons van haar ‘Waardevol geschenk’ dat haar uitnodigt tot meditatie. Fijn dat we haar gedachten al lezend tot de onze mogen maken.

Alle goeds voor iedereen, Wim Holterman

Verslag van de reis naar Troyes, 2 t/m 5 oktober 2025

We schrijven 1875 en 2025 (de tijd waarin we nu leven), een tijdsspanne van 150 jaar tussen deze twee jaartallen en voelen de geladenheid van deze periode. We besluiten als Werkgroep Spiritualiteit dat we met een delegatie van de Salesiaanse Familie zullen afreizen naar de roots van de Oblaten van Franciscus van Sales, het Franse Troyes ten oosten van Parijs.
De reden: de Oblaten vieren dit jaar een dubbeljubileum; 150 jaar geleden stichtte  Louis Brisson de congregatie in deze stad. Hij werd 34 jaar lang achter zijn broek gezeten door Marie de Sales Chappuis, om een mannelijke congregatie te stichten met als spiritueel patroon Franciscus van Sales, prinsbisschop van Geneve, residerend in Annecy  (de Oblatinnen waren een paar jaar daarvoor gesticht). In datzelfde jaar 1875 overleed Marie de Sales Chappuis; haar opdracht was volbracht na een tumultueus leven als Visitandin.  Twee gedenkwaardige feiten, die het vieren waard zijn en die deze reis rechtvaardigen.

Op Donderdag 2 Oktober 9.30 u. vertrokken we met een groep van 16 personen: 3 Oblaten en verder vertegenwoordigers van, op een na, alle kringen vanuit Sint Oedenrode.  Onderweg werden verwachtingen gedeeld en genoten we van cakejes, die Annerie Arets ons had meegegeven en zongen we Marianne Mens toe , die jarig was.

Na een tussenstop kwamen we aan in Plancy, de geboorte- en sterfplaats van Louis Brisson. Plancy in de regio Champagne, het land van wijn, windmolens, boerencoöperaties en silo`s. We werden daar hartelijk ontvangen door de enige zuster die nog in het sterfhuis van Brisson woont. We bezochten de kerk en het huisje met de sterfkamer en genoten van de gepresenteerde drank en koekjes. We vervolgden onze weg naar Troyes en zochten daar in het hotel onze kamers op. Daarna verdeelden we ons in groepjes om wat te gaan eten in een van de volop aanwezige eetgelegenheden in het centrum.

Vrijdag,

De eerste volle dag in Troyes was er een openingsceremonie gepland in de Kathedraal om 14.30 u. Dus tot 14.00 uur hadden we de mogelijkheid het prachtige middeleeuwse centrum van de stad te bezoeken. Wij liepen een stuk van de stadswandeling langs schitterende bezienswaardigheden: heel veel vakwerkhuizen en veel kerken op een klein gebied. Een hele historische stad. Na de openingsceremonie in de kathedraal was er voor menig Oblaat een blij weerzien op het plein tussen collegae uit vele landen. Cyprien, een Franse Oblaat, die een groot deel van de organisatie aanstuurde, verzorgde daarop nog een rondleiding langs drie kerken: de Urbanus, de Saint Jean en de prachtige Madeleinekerk.

Uiteindelijk kwamen we aan bij Saint Bernard, het eerste opleidingshuis dat Brisson kocht, nu een lyceum voor jongeren. We werden  daar ontvangen met een warme maaltijd in de kantine van het Lyceum. Champagne werd bij alle gelegenheden vrijelijk uitgedeeld, waarna steeds heerlijke wijn volgde. De Afrikaanse Oblaten zongen begeesterd een door hun gemaakt lied, waarin ze zich presenteerden;” Nous sommes les Oblats de Saint Francois de Sales”. Toen volgde er nog een concertje in de Saint Nicolaskerk. Een groep enthousiaste jongeren uit het jongerenpastoraat trakteerde ons daar op muziek en religieuze liederen, die we mee mochten zingen. Op de terugweg naar het hotel werden we begeleid door een behulpzame lokale dame, die ons de kortste route wees.

Zaterdag was een drukbezette dag. We bezochten de viering bij de Visitatie en werden daarna in 4 groepen rondgeleid door het huis. We bezochten de crypte van de Goede Moeder en de plaats waar Brisson haar vaak  ontmoette, achter een traliewerk, en waar Brisson uiteindelijk de Heer zag en koos voor zijn stichtingsopdracht.  We bezochten het uitgebreide tuincomplex. Bij alle bezienswaardigheden kregen we  van de zusters veel wonderbaarlijke verhalen te horen. We genoten een lunch bij de Oblatinnen een paar honderd meter verderop en we kregen (te) lange verhalen in het rap Frans met betrekking tot ontstaan van de stichting en uitbreiding over de vele landen, waar Oblaten te vinden zijn. Menigeen van ons zat dan ook te knikkebollen! We konden ons vergapen aan de beroemde klok van Brisson, Vervolgens was er een galadiner op Saint Bernard. Wat een organisatie, wat een werk en wat een goede verzorging van alle gasten, Chapeau!! De avond werd afgesloten met een soort van bonte avond.

Op Zondag bezochten we de plaats waar Leonie Aviat haar eerste gelofte aflegde en werkte met de fabrieksmeisjes. Weer werden we overladen met heiligenverhalen. De vertalers (van Frans naar Engels) wisten gelukkig laconiek de te religieuze saus wat af te romen. We kregen een zeer uitgebreide warme lunch aangeboden door vrolijke Oblatinnen. De Oblaten kregen een mooie kaars en 3 flessen champagne aangeboden voor thuis.  We wandelden vandaar, met de flessen en de kaarsen, naar de Kathedraal voor de wijdingsceremonie van 2 diakens en 3 priester-Oblaten.

Een indrukwekkende, drie uur durende viering in een overvolle kathedraal met tientallen priesters, die zelf geëmotioneerd de handen oplegden bij de al even emotionele wijdelingen. Ook ons liet dat niet onberoerd: het doorgeven van de spiritualiteit van FvS wordt mede hierdoor gegarandeerd. Toen we de kerk verlieten kwam de bus al aanrijden om ons naar Sint Oedenrode terug te brengen, waar we om 1.05 u. die nacht vermoeid, maar ook zeer voldaan afscheid van elkaar namen, dankbaar voor wat we samen hadden beleefd in verbondenheid met elkaar.

Marus Thijssen

 

EEN WAARDEVOL GESCHENK

Meer en meer maakt het licht van de zomer plaats voor de schemering van de invallende herfst. De dagen worden rap korter, de avonden langer. Voor het eerst sinds lange tijd zie ik deze seizoenswisseling weer met vertrouwen tegemoet. De laatste jaren bezorgden een naderende herfst en winter mij een diep gevoel van onbehagen. Maar nu ik vanuit het open, stille en ’s nachts zo donkere buitengebied van Eemnes teruggekeerd ben naar de geborgenheid van het dorp, is dat gevoel verdwenen. Weer in de bewoonde wereld te mogen en te kunnen wonen stemt mij dan ook nog altijd met diepe dankbaarheid. Twee jaar geleden al nam ik het besluit om mijn geboorteplek aan de uiterste rand van de polder, waar ik na 36 jaar uiteindelijk toch weer was geplant, wederom te verlaten. Dat ging gepaard met veel wikken en wegen,  waarbij ik o.a. ook bij Franciscus van Sales te rade ging, middels zijn boek “Inleiding tot het devote leven”. Op de allereerste plaats zijn de aanbevelingen daarin gericht op het verbeteren van onszelf met betrekking tot onze relatie met God. Maar daar voor mij die relatie geheel geïntegreerd is in het leven van alle dag, is het heel gewoon geworden in tal van zaken dat boek erop na te slaan. Dus ook toen bij mij dat gevoel van verlangen naar een ander leven almaar sterker werd. In het 6de hoofdstuk van het tweede deel van dat boek las ik:

“JE MOET ECHTER NIET TEVREDEN ZIJN MET GEVOELENS IN HET ALGEMEEN, HET GAAT ER JUIST OM ZE TE LATEN UITMONDEN IN PRAKTISCHE BESLUITEN”

Maar alleen met een besluit kom je volgens Franciscus nog geen steek verder:

“WANT NIET MET GEVOELENS VERBETER JE JEZELF, MAAR WEL MET HET VASTE VOORNEMEN JE BESLUITEN OOK UIT TE VOEREN”.

Om een lang verhaal kort te maken: die uitvoering heeft veel energie gekost, maar wat heeft het veel opgeleverd!

Edith Spelt, een kunstenares, waar ik al jaren een bijzonere vriendschap mee heb, bood mij als geschenk bij het begin van deze nieuwe levensfase aan, dat ik één van de vele schilderijen die zij ooit maakte mocht uitzoeken. Zij schildert vanuit de spirituele wereld, zoals zij dat zelf verwoordt en een groot aantal van haar werken staan in depot. Middels een catalogus kon ik een keuze maken. Eén sprong er voor mij direct uit: Een groot doek, waarop een vrolijk gekleurde weg is afgebeeld. Aan de rand daarvan echter, tekenen zich donkere contouren af en ineens eindigt die weg abrupt. Maar niet in een donker gat, nee, rond het niets is een explosie te zien van kleuren, vooral van groen. De kleur van de hoop! Ik werd er helemaal warm van. Met verf en penselen had Edith mijn ervaring vast weten te leggen dat, als alle grond onder je voeten verdwijnt, je toch nooit hoeft te wanhopen. Dat als je valt, het in Gods’ handen is.

Als er iets is, waar we in deze wereld nu behoefte aan hebben, dan is het wel hoop. Aan de hoop als zodanig heeft Franciscus van Sales geen enkel hoofdstuk van zijn boek  “de Inleiding” gewijd, maar tegelijkertijd ademt alles wat Hij daarin heeft geschreven die hoop uit. Hoop, dat wij uiteindelijk onze bestemming zullen vinden in God, die in onmetelijke liefde naar ons omziet en die nooit laat varen het werk van zijn handen. Hoop, van waaruit ook Pater Brisson (1817-1908) stichter van de Oblatinnen en Oblaten van Franciscus van Sales moet hebben geleefd, toen aan het eind van zijn leven zijn hele levenswerk ten onder dreigde te gaan. Aan het begin van de 20ste eeuw moest hij toezien, hoe op last van de Franse regering  alle religieuze congregaties in Frankrijk opgeheven werden, dus ook die van hem. Maar ook de scholen en jeugdhuizen die hij  had opgericht. Zelfs zijn eigen  huis in Troyes, evenals dat in Plancy, werd hem ontnomen. Maar daar Oblaten en Oblatinnen zich intussen hadden verspreid  over delen van Europa en de verdere wereld, bleek de spiritualiteit van Franciscus van Sales gelukkig niet meer te stoppen!

Dat mocht ik met vele anderen de eerste dagen van oktober weer ervaren in Troyes, waar we bijeen waren rond de feestelijkheden die daar plaatsvonden ter gelegenheid van het feit dat het 150 jaar geleden was dat Pater Brisson  de congregatie van de Oblaten van Franciscus van Sales    stichtte. Het waren onvergetelijke dagen, waarin die Salesiaanse spiritualiteit volop voelbaar was en uitgedragen werd. Maar voor mij waren ze tevens een bron van inspiratie om deze spiritualiteit uit te blíjven dragen, met alle middelen die ons daarbij ter beschikking staan.

Weer thuis kijk ik naar mijn schilderij, dat een zodanige plek in mijn huis heeft gekregen, dat niets de aandacht afleidt van hetgeen erop te zien is.  Een plek die mij uittilt boven de hectiek van alledag en die uitnodigt tot meditatie. Een  klein, maar voor mij heel bijzonder detail: Edith schilderde het al in 2003, het jaar dat ik voor het eerst in Annecy in de voetsporen van Franciscus van Sales mocht treden…….. maakt dit geschenk voor mij nog waardevoller!

Wil Vos-Post

 

Om de feestelijke vieringen in Troyes te bekijken kunt u de volgende link gebruiken:

Op YouTube:  Le monde de François de Sales

Daar staan de openingsceremonie en de viering op zaterdag 4 oktober 2025; voor de viering van zondag 5 oktober kunt u onderstaande link gebruiken.

https://www.youtube.com/live/gLGb6KtC4VY?feature=shared