Salesiaans Contact November 2025
HOOP DIE ONS DOET LEVEN
Er is een beroemde uitspraak van Dag Hammerskjöld die luidt: ‘Niet jij kiest de weg, maar de weg kiest jou’. Voor mij is dat een grote waarheid. Als ik terugkijk op mijn eigen levensweg dan is er veel op mijn pad gekomen waar ik niet zelf voor heb gekozen. Al lang geleden is er een Oblaat op mijn weg gekomen: Wim Timmermans. Toeval? Voor mij weggelegd? Ik ben die Oblaten-weg opgegaan, tastend en zoekend. Soms enthousiast, soms aarzelend. Toch bleven mijn voetstappen steeds aan die weg geklonken. Die weg werd me vertrouwd. Ik ging erop verder. Gaandeweg – met kleine stapjes – heb ik geprobeerd om me iets van de spiritualiteit van Frans van Sales eigen te maken.
En dat in verbondenheid met mijn medebroeders, met mensen die hetzelfde geloven en hopen, met tochtgenoten en bondgenoten. Ik heb er mijn geluk gevonden. Het is voor mij een goede weg tot nu toe en hopelijk tot ik mijn einddoel bereik. Veel mensen om me heen hebben me vastgehouden als ik dreigde te vallen. Ze hebben me laten voelen, dat dit voor mij een goed begaanbare weg is. Zelf heb ik ook heel wat mensen een hand mogen toesteken. Goddank! Veel ontmoetingen, hechte vriendschappen hebben me in het juiste spoor gehouden. Woorden, aanmoedigingen, vertrouwen: ze zijn voor mij geweest als leeftocht. Zonder zoveel lieve medepelgrims zou mijn weg onbegaanbaar zijn geworden, een met veel valkuilen.
Het lied ‘Pelgrims van hoop’ – geschreven bij gelegenheid van het Jubeljaar 2025 – begint met de prachtige zin: ‘vlam van liefde, hoop die ons doet leven’. Wordt hierin niet kernachtig weergegeven wat ons gaande houdt? Wat de motor is? Er is iets in ons dat brandt van hartelijke liefde. Een vonk die op ons overslaat en die wijzelf mogen doorgeven. Er is leven-gevende hoop, levende verwachting. Dat is de belangrijkste bagage, die we met ons meenemen. Bijbels heet het: op weg zijn naar ‘een nieuwe hemel en een nieuwe aarde’. Niet een fata morgana, maar zichtbaar en tastbaar hier, en nu al. Kris Gelaude schrijft in een gedicht over hoop: ‘hoop is de bron die op de bodem van je ziel ligt en soms onvermoede kracht naar boven haalt; zij is de stem die wanneer je twijfelt en er zelfs geen weg te zien is, zegt: “Sta op en ga”. We zeggen in onze alledaagse taal ‘hoop doet leven’. Het is die diepgewortelde hoop die ons een visioen voorhoudt. Als christenen mogen we zeggen, dat die hoop ons doet uitzien naar het Rijk van God: daar waar het leven goed is voor alles en iedereen, zonder uitzondering. Diezelfde hoop vraagt van ons dat we onze handen uit de mouwen steken; dat we het hart hebben om te leven vanuit en voor de liefde, heel concreet. Zo worden we levenslang geroepen om ‘te bloeien waar we zijn geplant’.
Paus Franciscus gebruikt de term ‘pelgrims van hoop ‘ ook om de roeping van de kerk in deze tijd aan te geven.
Deze kerk mag geen machtig bolwerk zijn. Ze bestaat uit mensen, die samen onderweg zijn; synodaal naar elkaar luisterend en biddend, met een open blik naar de toekomst. Mensen ook die niet voorbijgaan aan het lijden van de wereld en die hartstochtelijk uitzien naar eindelijk vrede. Wij mogen die mensen zijn. Samen kunnen we de hitte van de dag dragen. Ook mogen we gezamenlijke rustpunten inbouwen, momenten waarin we onze verbondenheid met anderen vieren en onze inspiratie delen. Als pelgrims van hoop mogen we optrekken met hen die geen stem hebben en die niet gehoord worden. We staan stil bij de schoonheid van de schepping en willen daar van harte zorg voor dragen. We zoeken naar de tekenen van de tijd, die ons nieuwe moed kunnen geven en die ons uitdagen om – zo nodig – andere wegen te gaan.
Frans van Sales is een goede gids op onze pelgrimstocht. Hij houdt ons met beide benen op de grond. Volgens hem heeft het geen enkele zin om onze hoop te laten uitgaan naar iets wat onbereikbaar is. In zijn ‘Inleiding’ schrijft hij klip en klaar: ‘Ik zou niet willen dat je bijvoorbeeld verlangt een scherper verstand of een dieper inzicht te hebben; dit zijn van die nutteloze verlangens, die de plaats innemen van de wensen die je wél moet hebben: gebruik en vervolmaak je eigen verstand, ontwikkel je eigen inzicht! Verlang niet naar middelen om God te dienen die je niet hebt, maar gebruik trouw en ijverig de middelen waarover je wel beschikt’ (III, 37). De weg kiest mij met mijn mogelijkheden en onmogelijkheden, met mijn geschiedenis en mijn karakter. Voor onze heilige gids geldt, dat God van mij houdt zoals ik ben. Tevens spoort hij mij aan om ‘de vlam van liefde’ brandend te houden als een krachtbron om samen met anderen op weg te blijven gaan. Moge dat ‘de hoop zijn, die ons doet leven’.

Wim Holterman osfs
In ons Salesiaans Contact van oktober hebt u een verslag kunnen lezen van onze reis naar Troyes om daar het 150-jarig bestaan van onze congregatie te vieren. Een onvergetelijke reis. We hebben daar onder meer de Eucharistie gevierd in de kapel van de zusters van de Visitatie. Daar heeft de Goede Moeder Marie de Sales Chappuis een groot deel van haar leven gewoond. Dáár heeft zij pater Louis Brisson overtuigend uitgedaagd tot de stichting van de Oblaten van Franciscus van Sales. Voor ons dus ‘heilige grond’. Tijdens die viering heeft onze Generale Overste Barry Strong onderstaande homilie gehouden. We hebben die zo goed en kwaad als mogelijk vertaald en delen die graag met u.
Beste broeders en zusters, leden van de Salesiaanse familie,
Vandaag mediteren we over het mysterie van de Visitatie, waarbij Maria, die Christus in zich draagt, opstaat en zich haastig naar Elisabeth begeeft.
Deze ontmoeting is niet alleen een familiebezoek, het is een heilige ontmoeting. Overal waar Maria gaat, is Christus aanwezig. Overal waar Christus aanwezig is, ontstaat vreugde, wordt het geloof vernieuwd en springen de harten op van hoop. Johannes springt op in de schoot van zijn moeder, Elisabeth zegent haar nicht en Maria zingt haar Magnificat. Wat een mysterie om te vieren op deze jubileumdag, 150 jaar nadat moeder Marie de Sales Chappuis, overste van dit klooster, tot God werd geroepen, en 150 jaar nadat de zalige Louis Brisson hier in Troyes de Oblaten van Sint Franciscus van Sales oprichtte onder haar inspiratie. Twee momenten die, net als de reis van Maria naar Elisabeth, momenten van bezoek waren: de Heer die zich door zijn trouwe leerlingen met zijn volk verzoende. Twee gebeurtenissen die door Gods voorzienigheid met elkaar verbonden waren.

Muurschildering Klooster Zusters Oblaten van Franciscus van Sales in Troyes
Net als Maria droeg Moeder Marie de Sales Chappuis, de Goede Moeder, Christus in zich. Ze deed dat op de Salesiaanse manier, kalm en standvastig: met nederigheid, zachtheid en sterkte van geest. Ze vormde haar zusters met het liefdevolle geduld van het Evangelie. Haar voorbeeld heeft ook de eerste Oblaten gevormd. Haar dood in 1875 was in feite een ander “Magnificat”: een leven dat de grootheid van God verkondigde en een erfenis achterliet die de hele Salesiaanse familie blijft inspireren.
In datzelfde jaar ontstonden de Oblaten van Sint Franciscus van Sales. Net als Maria bleven de eerste Oblaten niet werkeloos. Ze gingen “haastig”
naar scholen, missies en parochies om Christus te brengen in het gewone leven van gewone mensen. Ze brachten Christus met geduld, nederigheid en vreugde. Hun motto was de eenvoudige aansporing van de heilige Franciscus van Sales: “Leve Jezus! ” Niet alleen in woorden, maar ook in het dagelijkse geduld in de klas, het discrete werk van de pastorale zorg, de edelmoedige geest van de missionaire dienstbaarheid. Hun leven sprak van wat Franciscus zelf onderwees: grote heiligheid bestaat erin trouw en vreugdevol de kleine taken van elk moment te vervullen. En dat is precies de betekenis van dit jubileum. Een jubileum is niet alleen een moment om de herinneringen uit het verleden te koesteren, maar ook om het heden te vernieuwen en de toekomst te omarmen. Het mysterie van de Visitatie leert ons dat wanneer we Christus in ons dragen, we vooruit moeten gaan, we Hem naar anderen moeten brengen. Dat is de roeping van de Oblaten: Jezus in ons hart beleven en Hem met zachtheid en volharding delen met de wereld om ons heen. Niet noodzakelijkerwijs door grote gebaren, maar door gewone dingen op een buitengewone manier te doen.
Vandaag verheugen we ons. We verheugen ons over de trouw van
Moeder Marie de Sales Chappuis. We verheugen ons over de gedurfde visie van de zalige Louis Brisson, onze stichter. We verheugen ons over de 150 jaar aanwezigheid van de Oblaten in de Kerk en over de talloze levens die geraakt zijn door hun discrete getuigenis van heiligheid.
En voilà. Maria heeft zich gehaast. Moeder Marie de Sales is trouw geweest. Pater Brisson is moedig geweest. De Oblaten hebben het charisma over de hele wereld verspreid. Ze hebben allemaal gereageerd op de ingevingen van de Heilige Geest. En nu vraagt diezelfde Geest aan ieder van ons: wilt u Christus dragen? Zult u een bezoek brengen vol vreugde, zachtheid en geloof? Zult u “haastig” naar uw families, uw werkplekken en uw gemeenschappen gaan?
Moge in dit jubileumjaar het Magnificat van Maria ons lied zijn: “Mijn ziel verheft de Heer, mijn geest jubelt in God, mijn Redder. ” En moge deze dubbele verjaardag ons allen inspireren om Christus trouw te dragen, hem met vreugde te delen en Jezus altijd te ‘leven’!
Heer, onze God,
hier, in dit klooster van de Visitatie,
danken wij U voor Maria,
die Christus met vreugde heeft gedragen
en hem haastig naar anderen heeft gebracht.
Wij danken U voor moeder Marie de Sales Chappuis,
wier zachtaardige trouw blijvende vruchten heeft afgeworpen;
en voor pater Louis Brisson en alle Oblaten, levenden en overledenen,
die al 150 jaar lang de Salesiaanse geest in uw Kerk beleven.
Schenk ook ons de genade om Jezus te ‘leven’
met nederigheid, geduld en liefde,
opdat ons leven een bezoek van Uw aanwezigheid mag worden
voor allen die wij ontmoeten.
Door Christus, onze Heer.
Amen.

Barry Strong osfs


