Doop van de Heer
Doop van de Heer
Jesaja 42,1-4.6-7; Mattheüs 24,37-44.

ZIJN LEVENSPROGRAMMA EN HET ONZE
Aan het begin van zijn optreden
wordt Jezus door Johannes gedoopt.
Daarmee laat Hij zich zien
als een echt kind van Israël.
Vanuit zijn gelovige traditie
gaat Hij werken aan Zijn levensprogram.
De woorden van Jesaia worden zijn richtsnoer.
Hij breekt niet het geknakte riet;
de kwijnende vlaspit dooft Hij niet.
Gerechtigheid is de rode draad
door zijn levensgeschiedenis.
Zo wordt Hij Zoon van God,
Gods veelgeliefde.
Hij wordt Bevrijder van mensen;
hij maakt de weg vrij
naar God en naar elkaar.
Hij schrijft niemand af,
maar geeft nieuwe toekomst.
Door onze doop maken we
Zijn levensprogram tot het onze.
Voortdurend worden we uitgedaagd
om te leven en te werken zoals Hij.
Het is onze taak om gestalte te geven
aan recht en gerechtigheid.
Gedoopt zijn is niet vrijblijvend;
het is een blijvende opdracht
om het werk van Jezus voort te zetten;
om liefde als enige graadmeter te accepteren.
Wim Holterman osfs



